Verba volant
scripta manent

Column: Game Over

Opdracht: Maandelijkse column redigeren
Aantal woorden: Max. 500-600
Gepubliceerd: 2003-2006
Medium: Maandblad en paperback


Leontine Borsato hielp ik een aantal jaar met haar maandelijkse column. Leontine kan heel goed verhalend vertellen en heeft voldoende inspiratie voor een mooie column. Ik lette op de opbouw en/of de clou, haalde er stijl- en schrijffoutjes uit zonder afbreuk te doen aan haar persoonlijkheid als columniste. Hier twee columns zoals ze gepubliceerd zijn in haar boek 'Leontine, ook moeder'.


Leontine Borsato-Ruiters (38) is getrouwd met Marco Borsato, actrice, presentatrice, maar vooral moeder van Luca (7), Senna (4) en Jada (3). Elke maand schrijft ze in Kinderen wat haar en haar gezin bezighoudt!

 
Dubbel trots
 
Senna zit op zwemles. En hij stort zich er vol overgave in. Luca was als klein jochie een beetje bang voor water. Dat kwam mede door mij, ik waarschuwde hem iedere keer als hij in de buurt van water liep zó nadrukkelijk, dat hij er niets meer van moest hebben. Zwemles gaf dus rust, zowel bij hem als bij mij. Hij zag in dat water niet half zo eng is als zijn moeder hem bijna had doen geloven, en ik voelde me veel meer op mijn gemak toen ik merkte dat hij ook met kleren aan in het water uitstekend kon zwemmen.
Senna is echter nergens bang voor. Waar Luca voorzichtig is als het om nieuwe dingen gaat, is Senna nieuwsgierig en ondernemend en ontdekt hij alles het liefste uit eigen ervaring. Ook dit keer ben ik dus erg blij dat het kereltje op zwemles zit!
 
Ik herinner me nog hoe ontroerd ik was toen Luca voor het eerst een echte schoolslag maakte, hoe hij zonder bandjes kon zwemmen, hoe trots hij was. Luca is, omdat hij de oudste is, het kind wat bijna alle activiteiten als eerste mag doen. Senna moet met lede ogen aan zien hoe zijn grote broer alle avonturen mag beleven. Toen ik opnieuw voor de eerste keer met een jongetje in het zwembad arriveerde, ging het heel anders. Senna met zijn blonde krullen, kon niet wachten om kopje onder te gaan. Waar ik Luca moest aanmoedigen zich uit te kleden, zwembroek aan te trekken en te douchen voor het zwemmen, kon Senna niet stil blijven staan van de opwinding. Hij trok zijn kleren in een razend tempo uit, hees zich verrassend snel in zijn zwembroek en als de juf niet goed opgelet had, was hij waarschijnlijk linea recta het zwembad in gedoken.
 
Ik herinner me nog dat Luca wilde fietsen. Eerst werd de fiets nauwkeurig bekeken. Toen de fiets goedgekeurd was, wilde hij wel proberen te fietsen. Toen de periode aanbrak dat hij het zonder zijwieltjes wilde proberen, moest Marco heel goed opletten dat Luca niet viel. Voor Luca zou een kapotte knie betekenen dat hij die rotfiets niet meer wilde. Senna wil ook fietsen. Het is nog net niet zo dat hij erop stapt en wegfietst, maar het scheelt weinig. Hij is niet bang om te vallen en hoewel een kapotte knie bij hem net zo pijnlijk is, laat hij zich er niet door uit het veld slaan.
 
Ik vind het geweldig om de verschillen en overeenkomsten tussen deze twee jochies te zien. Twee unieke persoonlijkheden, uit dezelfde vader en moeder ontsproten. En hoewel iedere situatie met deze twee jongens verschillend is, reageert hun moeder elke keer hetzelfde. Dat Senna niet het eerste kind was wat ik aan mijn hand had lopen richting zwembad, doet niets af aan het bijzondere moment. Ik voel me nét zo trots als de eerste keer, voel plaatsvervangende zenuwen en krijg een brok in mijn keel als ik het ventje met zijn bandjes en kurk aan de rand van het zwembad zie staan. En vandaag mocht hij voor het eerst zonder bandjes! Vier jaar, en hij zwemt zonder zijn bandjes door het heldere water. Hij zwaait naar me, lacht blij, en luistert weer geconcentreerd naar de juf.
Ik zit hevig te slikken. Alle gevoelens die ik had toen Luca voor het eerst zonder bandjes mocht zwemmen komen in alle hevigheid terug. En ik merk dat ik opnieuw vervuld ben van trots! Ik zwaai stiekem terug naar Senna en ben blij dat ik over een jaar hier opnieuw mag staan.
Weer voor de állereerste keer.
 
 


Game over
 
De dood is iets wat voor de kinderen nog geen realistisch onderwerp is. Ze kennen het begrip wel, maar het is nog geen echte werkelijkheid voor ze. We hebben het er wel over natuurlijk, zo hebben we de kinderen verteld dat mijn vader een sterretje is en dat namen ze moeiteloos van ons aan. Lange tijd is dat zo gebleven, maar op een gegeven moment kwamen er toch steeds meer vragen over zijn graf. We beantwoorden de vragen altijd zo waarheidsgetrouw mogelijk, maar op sommigen dingen heb ik zelf soms ook geen antwoord. Ik leg uit dat ik zeker weet dat mijn vader ons nog kan zien en heel erg trots op zijn kleinkinderen is. Luca wilde daarop weten hoe dat dan zat met het graf. Daarin hadden we immers kleren en andere spulletjes van opa gedaan die hij niet meer nodig had, hoe zat dat dan met zijn ogen? Vaak lossen dergelijke problemen zichzelf ook wel weer op. Terwijl ik zat te bedenken wat ik moest zeggen was Luca er eigenlijk al van overtuigd dat hij zijn ogen natuurlijk gewoon meegenomen had, zonder kun je tenslotte niet kijken en hij zag ons immers? Ik heb er nooit zo bij stilgestaan en vind zijn redenering uitstekend en laat het dus zo.
 
Soms als de jongens samen spelen, speelt de dood ook een grote rol. Op een gegeven moment werd die rol zo groot, ook door het zien van films en spelletjes op de Playstation, dat we ingegrepen hebben. Ik vond het gewoon akelig om de jongens tijdens het koken op de achtergrond te horen roepen dat ze de ander gedood hadden! Speelden ze piraatje, dan hoorde ik Luca bijvoorbeeld zeggen: “En toen stak ik jou met mijn zwaard en toen was jij dood…” En dat keer op keer. Ik legde uit dat ik het niet netjes vond als ze zo spraken en er ook andere manieren zijn om duidelijk te maken dat de ander niet meer mee kan doen. Als ze als twee ridders vechten om de schone jonkvrouw, slaat de één de ander niet dood, maar dan is de ander af. Of hij ‘is uitgeschakeld’. Het is net zo duidelijk en ik sta niet met koude rillingen de aardappels te schillen. Marco en ik bleven het herhalen, elke keer als er iemand dood ging in onze woonkamer corrigeerden we de jongens.
 
Toch is het hiernamaals nog niet helemaal te begrijpen voor ze. Ik vertel ze wat ik denk, wat ik voel en wat ik vermoed en dat dat mijn waarheid is. Laatst werd de oma van Marco ziek. Marco reisde naar Italië om haar in het ziekenhuis op te zoeken, maar een paar weken later maakten we de reis samen opnieuw omdat ze was gestorven. Het was verdrietig en toch ook wel weer goed zo. Nonna had een prachtig leven achter de rug en een respectabele leeftijd bereikt.
 
Toen we het de kinderen vertelden waren ze behoorlijk aangedaan. We vertelden over het afscheid en de familie en de bloemen en hoe mooi het was. “Want zo gaat dat, als je dood gaat,” besloot Marco.
De opmerking van Senna was er eentje die ik van mijn leven niet meer zal vergeten:
“Oh pápa! Je mag geen ‘dood’ zeggen! Je moet zeggen ‘Oma is uitgeschakeld!’”